De tuin


Een morgen ben ik zeer vroeg opgestaan,
en zie de bloemen, halmen, grassen staan
in een zo helder eigenaardig licht
of zij daar nog niet lang alleen zo staan
maar iemand juist van hen is heen gegaan.
Zo, als men in gezelschap binnentreedt
in stilte, en weet dat er gesproken is
maar niemand u wil zeggen wat het was.
Het is of er een engel op dit gras
getreden is en juist verdwenen is
zodat nog alles luistert naar zijn tred.
En halmen, grassen staan nog in gebed

J.W.F. Werumeus Buning (1891-1958)

4 opmerkingen: